Hoofdtekst
Bet S., ik weet niet of ge daar ooit van gehoord hebt, die kos muizen maken. Ik was de koeien aan 't hoeden en een meisje uit de geburen was bij mij. Ik zei: 'We gaan eens naar de heks.' Het wicht had schrik, maar het gong toch mee. We gongen binnen en zo al eens gehekeld... Op den duur liet ze toch wat meer los: dat ze wat kos en zo. Ik zei: 'Dat zou ik ook wel willen kunnen, dan maakte ik katten en honden en ... muizen, zei ik. Ik had ze maar eens graag bezig gezien, ziet ge, want ik wist dat ze muizen kos maken. 'Loop daar maar eens naar die woudwormenheuvel, zei ze, hier hebt ge mijne stok. Dat was zo'ne kromme, met boven 'nen draai aan. En ik daarin aan 't roeren, maar ondertussen zei ze van alles wat ik niet verstaan kos. 'Ziet ge er nog geen?' En daarmee kwamen ze, d'een achter d'ander, misschien vijftig. En ik stampte-t-er naar en ik raakte geeneen. Ik vertelde dat tegen mijn vader, maar die was kwaad. 'Maak dat ge daar nooit meer komt', zei hij. Die was bang dat ze mij een boekske zou geven, want als ze dat kosten overgeven, waren ze verlost.
Onderwerp
SINSAG 0581 - Hexe macht Mäuse   
Beschrijving
Iedereen wist dat Bet S. een heks was. Op een dag ging een nieuwsgierige jongen samen met zijn buurmeisje bij Bet op bezoek. Omdat de jongen wilde zien hoe de heks muizen maakte, begon de vrouw allerlei toverformules te prevelen terwijl de jongen met een stok in de aarde moest wroeten. Na enkele ogenblikken verschenen tientallen muizen. De jongen probeerde de muizen te stampen,maar hij kon er geen enkele raken. Toen de jongen het verhaal aan zijn ouders vertelde, verbood zijn vader hem om Bet Stijns nog te gaan opzoeken. Zijn vader was immers bang dat de heks haar toverboekje aan de jongen zou geven, waardoor ze zelf van het kwaad verlost zou zijn.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (bree en omstreken)
memoraat
Naam Overig in Tekst
Bet S.   
Naam Locatie in Tekst
Beek   
