Hoofdtekst
In Halewyne in de kerke zat er een wuveke dat oltied ip de minsen spoeog. Ze zeien ’t tegen de paster en je zei: “Oet ’t niet utskèdt, goa ‘k joe noemen”. ’t Is ton achtergebleven.
Beschrijving
In de kerk zat een vrouwtje dat altijd naar de mensen spuwde. Toen de mensen dat aan de pastoor hadden verteld, sprak de geestelijke tot het vrouwtje: "Als je daar niet mee ophoudt, dan zal ik je naam eens bekendmaken!" Daarna deed het vrouwtje dat niet meer.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (tielt en izegem)
402
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ingelmunster   
