Hoofdtekst
Van de maar heb ich al gehoord, dat zat hem (= zette zich) op e pjaad (= paard), en dan kon dat paard niemee op. En het zweette wei ich weet nie wa.
Beschrijving
De maar ging op een paard zitten waardoor het dier verschrikkelijk begon te zweten en niet meer kon rechtstaan.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
263
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lauw   
