Hoofdtekst
Ze vertelden dat van Menère Moor, dat was een framasson, getrouwd met een van Nieuwpoort en die mensen waren nooit tegare. J’hadde hij een kamer allene waar datten hij altijd allene in zat. En dat was stijf (zeer) rijk volk en die knechten en meiden dat was al kurieus wat datten hij daar uitstak. En ze loerden door ’t sleutergat en ze zagen zieder n’ hum daar zitten spelen met een clairon en ’t waren al kleine ventjes die daar azo dansten en langs de poten omhoge kropen. Zo, z’hebben ook altijd verteld van die vent datten asten dood ging weggehaald geweest heeft van de duvels. En de familie heeft al gelijk een begravingen gehouden, ’s achternoens. Dat was een framasson he. Maar de mensen die dat moesten dragen zeien dat dat veel te zwaar was voor zo’n lijk. Dat waren kasseistenen. Je was hij weggehaald van den duivel he.
Onderwerp
SINSAG 0918 - Teufel führt Sünder mit.   
Beschrijving
In Nieuwpoort woonde een vrijmetselaar die schatrijk was. De meiden en knechten die daar werkten, waren nieuwsgierig naar de praktijken van hun werkgever. Wanneer ze door het sleutelgat keken, zagen ze de vrijmetselaar met een clairon spelen, terwijl er kleine mannetjes ronddansten en langs de poten omhoog kropen. Toen de vrijmetselaar gestorven was, stelde men bij de begrafenis vast dat de doodskist erg zwaar was. Ze was gevuld met kasseistenen, aangezien de duivel het lijk van de vrijmetselaar was komen weghalen.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
3.2 Vrijmetselaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
310
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nieuwpoort Bad   
Plaats van Handelen
Nieuwpoort   
