Hoofdtekst
Een kind kreeg een soort stuipen. Het werd zo ziek dat de dokters er geen raad meer over wisten. Er werd de ganse nacht bij gewaakt, maar rond 12 uur moesten ze niet meer slapen. Den enen nacht was het alsof een kat op de deur krabte, den anderen alsof er tonnen water uitgegoten werden dat de geburen ontwaakten en buiten waren gestroomd om te zien wat het was, maar niemand zag iets. Daar kwam regelmatig een buurvrouw op bezoek. En de grootmoeder zegde: “Maar dat we eens een palmtakje in het wijwater staken en dat dan in de stoof wierpen met de sleutel toe, opdat het door de schouw niet zou vliegen.” En binst dat ze dat deden sprong die vrouw opeens buiten en ze hebben ze nooit meer gezien. Het kind is genezen.
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een kind dat stuipen kreeg kon niet door de dokter worden geholpen. De ouders bleven bij het kind waken. Om middernacht gebeurden er altijd vreemde dingen. De ene nacht leek het alsof er een kat aan de deur krabde, de andere nacht waren er geluiden te horen alsof er tonnen water werden leeggegoten. De buren kwamen zelfs naar buiten om te zien wat er aan de hand was, maar niemand zag iets. Omdat bij de mensen vaak een buurvrouw op bezoek kwam, zei de grootmoeder: “We zullen eens een palmtakje in de kachel gooien en dan het deksel sluiten”. Toen men dat deed, sprong de vrouw opeens naar buiten. Daarna heeft men haar nooit meer gezien en is het kind genezen.
Bron
M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
259
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ronse   
