Hoofdtekst
Marie Coornhuyze, zeien ze, zij hadde een droeven (kwaden) boek. En de paster heeft geweest om dat op te halen. Maar ‘k en weten niet vanwaar dat ze ’t gehaald hadde. En z’hebben ze meegehad, maar ‘k geloven dat ze Marie eerst deien slapen.
Beschrijving
Een vrouw die een toverboek bezat, kreeg bezoek van een pastoor die haar boek kwam halen.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
2.3 Toverboeken
west-vlaams (franse grens)
406
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herzele   
