Hoofdtekst
’t Wos dor e grote beke up de bane van Zarrenplatse nor Staân. En oj dor ’s navonds passeerde, sproengen er dor oltijd hoenden up de roete of vinten. En dat e toen ommèkeer gedon geweest omdat de geestelijken dat weggelezen èn. Dat wos de waterduvel.
Beschrijving
Bij een beek tussen Zarren en Staden zag men 's avonds altijd honden of mannen op de weg. Dat was de waterduivel. Nadat de geestelijken de plaats hadden overlezen, verdwenen die vreemde verschijningen.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (vrijbos)
85E
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Woumen   
Plaats van Handelen
Staden   
Zarren   
