Hoofdtekst
Dat was ene man, en die kwam te voet van zij werek om twalef uren 's nach(t)s. Opeens valt er onder de baan op iet mals en dat herging (= beweegde zich) onder hem. Toen ister gauw opgestaan en op de loop gegaan, maar hij vond zijn thuis niemee. 's Moreges vroeg kwamter terug doadoor - het was onweer gewees(t) - maar hij kon niemee zien bo het gewees(t) was. Hij dach(t) dat het e pjaad (= paard) gewees(t) was of een ander spook.
Onderwerp
SINSAG 0256 - Plagegeist (in Tiergestalt) erschreckt späten Wanderer (und begleitet ihn).
  
Beschrijving
Een man die omstreeks middernacht terugkwam van zijn werk, struikelde plots over iets waardoor hij op de grond viel. Omdat de man iets mals onder zich voelde bewegen, stond hij snel op en liep weg. De man raakte echter verdwaald. Toen hij 's ochtends na een hevig onweer opnieuw op dezelfde plaats was aanbeland, zag hij niets meer van de vreemde verschijning.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
277
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lauw   
