Hoofdtekst
De koeien toe Maria Lievens waren nodig gemolken, ze stonden d’rvan te tuten. Als ze ze gingen gaan melken, hadden ze bijna geen melk. Ze gingen achter de paster. Den dezen zei, dat ze mosten kijken wien dat er van ’t hof zal gaan, als hij erop ging. Den dien was d’oorzake van die miserie.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Op een boerderij stonden de koeien te loeien omdat ze gemolken moesten worden. Wanneer de boerin de koeien molk, gaven de dieren merkwaardig genoeg maar heel weinig melk. De pastoor sprak tot de boerin: "Je moet kijken wie de boerderij verlaat als ik aankom. Die persoon is de oorzaak van het ongeluk".
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (houtland)
511
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Aartrijke   
