Hoofdtekst
Die Bazelet, waar ich u van kalde, de grootvader van Jan Bazelet die hier nog woont, die was ooch eens dat hij 's avonds uchteren geweest was, wie ze dat vroeger deden, bij de Plesser. Ja, en 's avonds laat naar huis gegaan en naar de weg boegeerde hij nie naar, die kos hij goed genoeg van buiten. Maar in de week daar kwamen die dwaallichtjes weer op, die zaagt ge vroeger veel rond de moerassen. Maar hij daar geen acht op gegeven en hij gonk en hij gonk maar kos niemeer tezent geraken. Door den duur herkende hij zich aan ne pereboom bij de Plesser boe hij vertrokken was, toen zat hij nog altijd op dezelfde plak.
Beschrijving
Dwaallichtjes zag men vaak in de buurt van moerassen. Een man die op een avond naar huis wandelde, raakte verdwaald door naar een dwaallichtje te kijken. Toen de man na lange tijd een perenboom van P. herkende, stelde hij vast dat hij zich nog steeds op dezelfde plaats bevond als waar hij was vertrokken.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
limburgs (noord-west)
44
Grootvader
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hechtel   
