Hoofdtekst
Kat wordt niet gekwetst, maar men weet toch wie het is.Juist alle avonden kwam er een kat schreeuwen aan de drie bunders van De Naeyer. Nu op nen avond ging mijn moeder de koe melken. Ze gaat in de stal en ze komt schreeuwend terug buiten. Nu zaten d'r zoveel ratten op de koe. Als we kwamen zien liepen ze langs de muur naar boven op de zolder. Maar die witte kat zal hier niet meer binnenkomen zenne, zei mijn moeder. Die kwam altijd al schreeuwend achter uw voeten en als ge ze wegjoegt liep ze recht door 't land en in ne strink (boomstronk) zat ze dan altijd te schreeuwen. Nu gelijk dat 'k op nen avond naar huis kom van de kaai, lag die witte kat daar aan de drie bunders; het was een schots (eigenaardig) ding, het was precies alleen maar nen dikke kop, 't was iets raars. Ik loop naar huis en ik zeg tegen mijn vader: "Ge moet eens meegaan, nu ligt die kat daar juist aan de drie bunders." Mijn vader pakte zijn geweer en als we daar aankwamen was de kat weg. Ik zei: "Daar heeft ze gelegen sè." En daar was nen hele put. Mijn vader zei: "Ge moet goed zien, ze zal achter ne struik zitten." D'r stond ne stuik en daarachter zat ze, op 't land van Jef van Nelekes. Strieëp, zei mijn vader, dat was ne strieëp vuur sè. Ze zal nu niet meer komen, zei hij. En ze kwam niet meer ook niet. Ik zal ze noemen, ge kent ze; 't was Wanne De Keyser. Als die op een ander geen kwaad deed, moest die thuis kwaad doen.
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Een boer hoorde iedere avond bij de drie bunders een kat miauwen. Het was een witte kat, die altijd achter de rug van de mensen ging staan en dan wegliep in de richting van een struik, waar ze bleef miauwen. Toen de boerin op een avond de koe ging melken, liep ze even later huilend uit de stal. Er zaten allemaal ratten op de koe. Toen de andere mensen kwamen kijken, liepen de ratten langs de muren omhoog naar de zolder. Toen de boer op een avond naar huis wandelde, zag hij de witte kat in een put bij de drie bunders liggen. Hij ging naar huis en vertelde het aan zijn vader, die met zijn geweer meeliep naar de aangeduide plaats. Bij hun aankomst zagen ze dat de kat verdwenen was. De vader van de boer zag de kat wat verderop zitten en schoot ernaar. Daarna hebben ze van de kat geen last meer gehad. Het was een toveres uit het dorp. Als ze elders geen kwaad kon doen, dan moest zij thuis kwaad doen.
Bron
L. Smets, Leuven, 1963
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (rupelstreek en omgeving)
318
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Willebroek   
