Hoofdtekst
’t Was e kier ’n hofstee. De koeier aat e boek. De paster kwaam derachter. Mo de koeier smeet e zak liezoad deur de veister en tegen dan die zoadjes ip de groen kwaam woaren dat ol roa duveltjes.
Beschrijving
De pastoor was te weten gekomen dat een koewachter op een boerderij een toverboek bezat. Toen de pastoor het boek wilde komen halen, gooide de koewachter een zak lijnzaad door het raam. Even later veranderden die zaadjes allemaal in rode duiveltjes.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.3 Toverboeken
west-vlaams (nw van houtland)
150.3
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zandvoorde   
