Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

FBECK0201_0201_229 - Spoken komen hun geld tellen

Een sage (mondeling), 1947

Hoofdtekst

In een zekere stad was in een hotel een kamer waar het spookte, altijd 's nachts tussen twaalf en één. Daar kwam eens een kloeke vent, die geen angst kende en toen hij van die spoken hoorde, vroeg hij of hij op die kamer mocht slapen. 'Gij zijt mijn man, zei de baas, die kamer moet ik sluiten. Daar wil niemand meer slapen.' De man deed het bed maken en ze moesten er een gordijn boven hangen, dat er alleen maar een spleet was waar hij door kon kijken. Knap te twaalf uur kwam daar een heel bende binnen, juffrouwen en heren, en ze dansten in 't rond met veel muziek en het was ineens of de kamer in een bos veranderd was en daar in 't midden stond een dikke eik. Daar begonnen ze te graven en ze haalden een kist uit, heel vol geld, en die stak tussen de wortels van de eik. Toen begonnen ze te tellen, de hele tijd maar tellen. En die in 't bed dacht: 'dat moet ik weten waar die eik staat, ik zal hem wel vinden.' en hij 'ritste' uit zijn bed en hij zette 'hem' achter die eik en daar scheet hij een ferme stront. Toen één uur sloeg waren ze allemaal weg. 's Anderendaags vertelde hij tegen de 'patron' wat hij gezien had en toen braken ze de 'plancher' op en daar vonden ze een hele hoop geld. Toen was hij rijk want de patron deelde eerlijk met hem, die was ook blij dat hij van die spoken af was.

Onderwerp

SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.    SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.   

Beschrijving

In een hotelkamer spookte het elke nacht tussen twaalf en één uur. Op een dag vroeg een dappere man of hij in die kamer mocht slapen. De hoteleigenaar was verheugd, want hij vreesde al dat hij die kamer niet meer zou kunnen gebruiken. De man liet boven het bed een gordijn hangen, met een kleine spleet waardoor hij zou kunnen kijken naar de spoken. Stipt om twaalf uur kwamen er tientallen spoken binnen, die begonnen te dansen en muziek te maken. Het leek alsof de kamer was veranderd in een bos met in het midden een dikke eik. De spoken begonnen tussen de wortels van de eik te graven en haalden een grote kist met geld boven. De man keek toe en dacht: "Ik moet onthouden op welke plaats die denkbeeldige eik staat; dan kan ik later het geld van onder de vloer opgraven." De man sprong uit zijn bed en deed zijn behoefte op de plaats waar de eik stond. De volgende dag vertelde de man aan de hoteleigenaar wat hij had gezien. Op de plaats waar de boom had gestaan, werd de vloer opgebroken. De hoteleigenaar was zo eerlijk om het geld dat daar werd gevonden met de man te delen; hij was immers blij dat hij nu van de spoken was verlost.

Bron

F. Beckers, Leuven, 1947

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
zuid-limburgs
Spoken komen hun geld tellen: variante 2
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Lauw    Lauw