Hoofdtekst
In de meersen waren de hier olsan doôkeersen te zien. ’t Was olsan os de mane schonk (scheen). De minsen hân der wreê benauw van. Maar os ’t er ne keer enen naartoe ging, ze gingen achteruit. Maar os ze toene wegliepen, ze kwamen nadere. Da was ’n ziele die verkeerde om hulpe te vragen. Ze kwam osan were waar da ze geweund ha.
Onderwerp
SINSAG 0182 - Wiedergänger als Irrlicht   
Beschrijving
In de moerassen zag men bij maanlicht vaak doodkeersen waarvoor de mensen erg bang waren. Als men dichterbij kwam, dan week de doodkeers achteruit. Als men wegliep, kwam de doodkeers dichterbij. Het was een ziel die op zijn woonplaats terugkeerde om hulp te vragen.
Bron
G. Speecke, Leuven, 1959
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
west-vlaams (menen en omstreken)
15
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lendelede   
