Hoofdtekst
Bij 'ne boer was 'ne knecht die had ook 'ne slechte naam. Die kos weerwolven. Hij had toch veel moeite gedaan, en hij was weer naar de pastoor geweest, maar hij kos er niet van af geraken. Toen hadden ze toch een plan gesmeed. Ze deden hem weggaan om hei te maaien voor strooisel, en ze stookten den oven goed gloeiend heet. Toen die goed heet was, gooiden ze de band in den oven. En op 't zelfde moment dat ze de band in den oven gooiden, stond hij ook bij hen. Maar terwijl de band in den oven aan 't branden was, hielden ze hem vast tot dat de band opgebrand was, want anders zou hij er zelf in kruipen. Toen hij opgbrand was, lieten ze hem los, en toen zei hij dat hij gelukkig was.
Onderwerp
SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)   
Beschrijving
Bij een boer werkte een knecht die weerwolf was. Van de pastoor kreeg de boer de raad om de knecht weg te sturen en ondertussen diens halsband te verbranden. Op het moment dat de halsband in het vuur werd gegooid, stond de knecht ogenblikkelijk bij de oven om zijn band te redden. Toen alles was opgebrand, zei de knecht dat hij gelukkig was.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (bree en omstreken)
Weerwolf verlost door het verbranden van zijn band: variant (Ellikom)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ellikom   
