Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WBODE0172_0172_27346

Een sage (mondeling), zaterdag 29 april 2000

Hoofdtekst

9 Dat, en als je bijvoorbeeld van de bakker, als ze brood aan boord doen, hé, dat je zegt: "We zijn voor tien dagen weg, hé." En ze smeten dertig of vijfendertig broden aan boord, hé.I Ja.9 En [op] ‘t eind van ‘t jaar kreeg je dan een koekebrood [= een krentenbrood], hé. Godver, maar dat koekebrood smeten ze in zee, hé, zeg maar dat je net kapot was, hé, als je vis wou.I Is ‘t waar?9 En vooral de zondag in zee, hé, pas op, hé. ‘t Was van dat, hé.I Jaja.9 Veel vis, vissersbijgeloof, hé, godverdomme ja, wè, zeg, dat was enorm, hé, vroeger.I Ja.

Beschrijving

Wanneer de vissers voor tien dagen op zee vertrokken, gooide de bakker dertig of vijfendertig broden aan boord. Op het einde van het jaar kregen de vissers een krentenbrood. Dat gooiden ze echter steevast in het water.
Als men op een zondag op zee ging, kreeg men ongeluk.

Bron

W. Bode, Leuven, 2001

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (blankenberge)
9S
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Blankenberge    Blankenberge