Hoofdtekst
Pastoor verbrandt toverboek: men moet hard stoken.De knecht van noenkel Wannes da was oek zoe nen helen aardige en dien heeft ons in den tijd zoeveul verteld. Dien had oek zoe'ne toeverboek. De pastoer is den boek komen hale, en heet em in 't bakhuis wille verbranne, mor hij hee iens zoe hard mutte stoke as voer nen hielen ove broed. D'r zat zoeveul deugnieterij in dat as de pastoer den ove opedee, dat em er bena mee ingetrokken wier.
Onderwerp
SINSAG 0753 - Zaubermacht gebrochen; Geistlicher verbrennt Zauberbuch.   
Beschrijving
Een knecht die een toverboek bezat, kreeg bezoek van de pastoor. De geestelijke nam het toverboek mee en wilde het in het bakhuis verbranden. Daarvoor moest de pastoor zoveel stoken alsof hij een hele oven met brood wilde bakken. In het boek zat zoveel deugnieterij dat de pastoor dreigde in de oven te worden gesleurd als hij de deur opende.
Bron
P. Smets, Leuven, 1965
Commentaar
2.3 Toverboeken
antwerps (tss. antw. agglomeratie en rupelstreek)
329
Knecht van de oom van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kontich   
