Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

GVERD0061_0063_11464 - Heksen geven krachten door aan opvolger

Een sage (mondeling), maandag 11 februari 2002

Hoofdtekst

G: En waren er dan nog heksen? (Er waren) die Metje Hagen, die man…D: Tja, ma Coene, daar hebben we het over gehad. H: Ja. [stilte]D: Nee, ik zou niet meer weten wat nogG: Maar het is al heel fijn wat ge al verteld hebt. Zijn er nog mensen die vandaag nog leven, waarvan ze vroeger zeiden van: ‘Daar moet ge voor oppassen want daar…ge moet geen namen noemen of zo, maar…’H: Ik zou het niet weten. [Beide informanten overleggen in het dialect.]H: Dat is een, hoe moet ik zeggen, een achterkleindochter van die van wat ik zei wat daar op de grond spuwde.G: Ja.H: Die, zeggen ze ook, die heeft ook zo heksentoeren, maar ik weet niet of dat zo werkelijk is. Nu is die in de vijftig. Maar dat is van die afstamming, van die (die vroeger op de grond spuwde. Zie fragment L3: Heks spuwt op grond )G: En zeiden ze vroeger dat een heks haar krachten moest doorgeven aan iemand anders als die doodging of zo?D: Ja. H: Ja, dat werd wel gezegd, ja. D: Dat is op veel plaatsen…dat zul je voornamelijk in de Kempen (vinden) dat haar stofdoek doorgegeven aan haar dochter.G: Haar stofdoek?D: Ja, dat zijn dus de verhaaltjes van uit de Kempen, als je dus [Moeilijk te verstaan, iets in de aard van: ‘als je niemand anders tegenkwam’.] was het gewoonlijk dat het overging van moeder op dochter. G: Oh ja.D: En (er zijn verhalen van) verschillende heksen die zogezegd niet konden sterven omdat ze geen dochter hadden, of niemand hadden om hun waarden door te geven. Er waren ook velen die een boekje hadden waar al die spreuken in stonden en dat was dus ook zogezegd…dat kon je niet weggeven zolang als je laatste minuut geslagen was of dat ze altijd terugkomen naar de eigenaar zelfs als je dat in het vuur gooide, had je dat de volgende dag in uw zak steken.G: En wat gebeurde er dan met de heksen die dat niet konden doorgeven, die bleven maar leven of hoe zat dat?D: Ja, die hadden dan een afschuwelijke doodstrijd he. G: Ah zo. H: Dat is juist gelijk mensen die ergens iets kunnen genezen […] die kon wratten wegdoen. […] dat kon die man wegdoen met bidden en dan erover te gaan en dan waren die wratten weg en die had van zijn zuster die in het klooster was (gekregen) en die had hem dat doorgegeven als ze gestorven is en hij heeft dat aan zijn dochter ook doorgegeven. [Informant H vertelt informant D in het dialect om wie het precies gaat.] […]

Beschrijving

Veel heksen konden niet sterven omdat ze geen dochter hadden aan wie ze hun kunsten konden doorgeven. Die heksen moesten dan een verschrikkelijke doodsstrijd doorstaan. Sommige heksen bezaten ook een toverboekje dat ze op geen enkele manier konden kwijtraken. Als ze het boekje probeerden te verbranden, keerde het vanzelf terug.
Een man die wratten kon wegbidden, heeft zijn krachten ook doorgegeven aan zijn dochter.

Bron

G. Verdickt, Leuven, 2002

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (zuiden)
L20
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Lauw    Lauw