Hoofdtekst
Bij ons neven liep altijd 'ne grote lelijke zwarten hond. 'Sjoufert' zegden ze daartegen. En toen zei er eens ene: 'Wil ik er eens op fluiten?' Hij floot er op en hij kwam af en de deur toe. En toen stonden zijn klauwen allemaal op de deur. 'Maar ik fluit niet meer' zei hij. Dat was zeker wel van hier tot aan de brug.
Onderwerp
SINSAG 0212 - Spötter pfeift Feuermann heran
  
Beschrijving
Een man floot naar een grote lelijke zwarte hond die altijd in de buurt van zijn huis rondhing. Omdat de hond onmiddellijk op hem toe liep, haastte de man zich snel naar binnen en sloot de deur achter zich. Toen de man de volgende ochtend zag dat de klauwen van het dier in de deur waren gebrand, nam hij zich voor nooit meer naar deze hond te fluiten.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
limburgs (bree en omstreken)
Avonturen met de sjoufert: variant 1 (Lozen-Bocholt)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lozen   
