Hoofdtekst
Mijn nonkel Henri had z’n ziele verkocht aan den duivel. Wè z’hebben dat zo dikwijls verteld; d’r kwam dan altijd een boot langs zij (zijde van het schip) varen en dat er duivels aan boord waren! Al zwarte, zovele. En ze kwamen dikwijls langs dat z’under korre (hun netten) smeten, ’t was vis in en d’andere die d’r nevens vaarden vangden niks. En dat was de duivel die daartussen zat, zeien ze.
Onderwerp
SINSAG 0881 - Der Teufelsvertrag. Mann schliesst einen Vertrag mit dem Teufel, welcher ihm bei seiner Arbeit Hilfe leistet.   
Beschrijving
Een visser had zijn ziel aan de duivel verkocht. Wanneer de man op zee was, zag hij altijd een schip met zwarte duiveltjes voorbijvaren. In zijn netten ving de man altijd veel vis, terwijl men op andere vissersboten haast niets ving. De man geloofde dat de duivel daarvoor zorgde.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
3.1 Duivels
west-vlaams (kamerlingsambacht)
288
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Oostende   
