Hoofdtekst
Als ze kwamen van Houtkerque en F. Maes die toen wunde, waar dat X wunt, hij ging altijd naar Houtkerque om hem te doen scheren en ’t was op een zekeren braven avond eens een knecht meegegaan.Zegt’n: “Je meug ossan zeker niet doen wè, als me aan de beke kommen, papa, van (want) me zouden daar kunnen etwod zien”. Je meug niet gebaren, dat was aan de Peerdebrugge, ’t waren daar nog diffrente busschen, den ene keer als hij langs de beke kwam, ’t wandelden daar nunnen, een andere keer ’t was daar een kachtel (veulen) zonder hoofd of een met twee hoofden. Maar als je nietend en zei, je muchte ossan passeren. Maar die keer ’t lei etwod op de brugge en dien knecht gaf omniet niet een plooi, om niet, en hij schopte der[t]egen en ’t was een schhhop lijk tegen een kafzak, en ’t sprong op zijn rug en ’t blies ossanreke in zijn oren en hij moste dat meedragen tot aan de deure van d’herberge en dat viel daar af en hij was in schuim en zweet gedragen. ’t En was pertang (nochtans) niet verre, ’t was maar 150 meters. Hij ging dat nooit meer reschieren (riskeren).
Onderwerp
SINSAG 0252 - Plagegeist lässt sich tragen   
Beschrijving
Een man kwam samen met zijn knecht terug van Houtkerke waar hij zich had laten scheren. Bij de Paardebrug had de man al vaak vreemde dingen gezien; de ene keer liepen er nonnen in de bossen, de andere keer zag hij een veulen zonder hoofd of met twee hoofden. Die avond lag er iets op de brug. De knecht was niet bang en schopte tegen de vreemde verschijning. Het volgende ogenblik werd de knecht besprongen door iets dat in zijn oren blies en zich liet dragen tot bij de deur van de herberg. Hoewel de knecht het beest maar honderdvijftig meter had moeten dragen, was hij helemaal bezweet en nam hij zich stellig voor nooit meer zoiets te doen.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (franse grens)
104
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Haringe   
Plaats van Handelen
Houtkerke   
