Hoofdtekst
In den ouden tijd was er een kerkhof rond de kerk en heel tegen de muur stond ’n houten kruis, op het graf van een oud wijveke.Als dat wijveke al een hele tijd goed en wel begraven lag, kwamen er een keer late herberggangers voorbij het kerkhof en ze zagen dat kruis stillekens staan gloeien tegen de muur van de kerk. In één-twee-drie keerden ze op hun stappen terug en gingen de andere herbergklanten verwittigen van hetgeen ze gezien hadden. Samen trokken ze terug, en werkelijk, het kruis gloeide in de duisternis.De volgende avond, want niemand was durven naderen, keerden ze terug om van ver eens te loeren hoe het nu stond. En weer stond het kruis te gloeien. Hoe langer hoe meer volk kwam er dat spookwonder bekijken. En op een avond waren er twee gasten die zich op een wedding verstoutten het kruis te naderen. Ze hadden veel druppels gedronken om moedig genoeg te zijn. En terwijl er talloze nieuwsgierigen stonden te kijken, ze trokken alle twee gewapend met ’n ferme knuppel, naar het bewuste kruis dat daar eenzaam te gloeien stond. Schrik hadden ze te over! Ze naderden. Iedereen hield zijn adem in. Plots een ferme windscheut: het gloeiende kruis bewoog zachtjes als de twee er nog slechts een meter van af waren. Een rauwe kreet, één van de twee valt tegen het kruis. Al de anderen vluchten.’s Anderendaags, bij klaren van de dag, vinden ze de man dood liggen bij het bespookte kruis.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Op het kerkhof van Desselgem lag een oud vrouwtje begraven. Op het graf van dat vrouwtje stond een houten kruis. Een hele tijd na de begrafenis van die vrouw kwamen enkele mannen langs het kerkhof terug van de herberg. Tot hun grote verbazing zagen de mannen het kruis gloeien. Ze gingen terug naar de herberg om de andere aanwezigen te halen. Ook zij zagen het kruis gloeien. Iedere avond kwamen heel wat mensen kijken naar het gloeiende kruis. In het kader van een weddenschap gingen twee jongens op een avond gewapend met een knuppel naar het kruis. Doodsbang naderde het tweetal het gloeiende kruis. Plots deed een windstoot het kruis zachtjes bewegen. Daarop weerklonk een rauwe kreet en viel één van de jongens tegen het kruis. De andere vluchtte weg. De volgende ochtend trof men de jongen dood aan bij het bespookte kruis.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
208
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Desselgem   
Plaats van Handelen
Desselgem   
