Hoofdtekst
Ich heb horen zeggen van 'n vrouw die in 't kinderberd was en daar gingen de ander vrouwen naar kijken vroeger. Dat was toen zo de manier. En daar was er ooch een met zo'n heel lang neus, wie 'n poot zal ich zeggen. En dat kind bekeken en bedaan en in ene keer begos ze te zingen 'Oh wat na bengel, oh wat ne bengel' en 't kind had 'n neus gekregen zo lang, ich overdrijf nie zelle.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een moeder die in het kraambed lag, kreeg bezoek van een vrouw met een lange neus, die begon te zingen: "Oh, wat een bengel! Oh, wat een bengel!" Het volgende ogenblik kreeg het pasgeboren kind ook een lange neus.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (noord-west)
138
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kleine-Brogel   
