Hoofdtekst
J’ééd oltemets van de Duutsche schapers hoord enee? Ze woren met vuven, zessen in de landse herberge, in "den Bras". ’t Wos dor ook e Duutsche schaper met zijn hoend. En lik dat ’t gaat, ze lachten met die Duutsche schaper datten niet koste doen. En dien Duutsche schaper zei niet, mor olmeddèkeer, j’hoeng dien hoend an de bolke met zijn kop en ze kusten dor ollemale, den een achter den andern, dien hoends achterste. Ze woren gedwoengen voor dat te doen achter mallekanders.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
In herberg 'den Bras' zaten vijf of zes mannen, onder wie een Duitse schaper met zijn hond. Toen enkele mannen met de Duitse schaper begonnen te spotten, toverde de schaapherder zijn hond aan de balk van de zoldering en dwong de aanwezigen het achterste van de hond te kussen.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (vrijbos)
212C
fabulaat
Naam Overig in Tekst
herberg 'den Bras'   
Duitse schaper   
Bras (herberg)   
Naam Locatie in Tekst
Oostnieuwkerke   
