Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0077_0077_33016

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Mijn moeder kwam ne keer van Essche weer ’s avonds z’en was niet schouw (bang) zelle van alleen weer te komen. En onder de bane hoort ze mee ene keer “hoe hoe” en vloeken: ze gaat er naartoe en z’en ziet niet. Hier op den “Doorn” weer ’t zelde: percies enen die haar uitlachtegen en die aan ’t vloeken was en ze gaat er weer naartoe en z’en ziet weer niet. Aan René Marginet weer ’t zelde, en azo ne keer of vijf. En dat was Kledden die haar van d’alf geleid had!

Beschrijving

Een vrouw die ’s avonds terugkwam van Essche, hoorde onderweg plots gevloek en een stem die “hoe hoe” riep. De vrouw ging naar de plaats vanwaar het geluid kwam, maar zag niets. Onderweg maakte de vrouw nog vijfmaal hetzelfde mee. Dat was kledde die haar ‘van de alf’ had geleid.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
oost-vlaams (denderstreek)
156
Moeder van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Idegem    Idegem   

Plaats van Handelen

Essche    Essche