Hoofdtekst
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een man die op een boerderij in Strombeek-Bever werkte, werd het hoofd van een roversbende. Toen de man een inbraak pleegde in een boerderij, sprak de boerin: "Heb ik jou daarom zo dikwijls een witte boterham gegeven?" Omdat de rover begreep dat men hem had herkend, vermoordde hij de boer en de boerin. Toen de meid de rover zag, deed ze alsof ze hem niet kende. Daarom mocht ze blijven leven. De volgende dag ging de meid echter naar de politie. De bendeleider werd onthoofd in Oppem (Brussegem). Toen de rover de meid daar zag staan, sprak hij tot haar: "Oh, jij lelijke rosse vos, ik zal in de gedaante van een gloeiende duivel weerkeren!" De rover beweerde dat hij door toedoen van zijn moeder op het slechte pad was geraakt. Zo had zijn moeder hem niet berispt wanneer hij bij de buren een naald had gestolen.
Bron
N. Coremans, Leuven, 1977
Commentaar
4. Historische sagen
brabants (noord-west)
117I
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Wemmel   
Plaats van Handelen
Strombeek-Bever   

