Hoofdtekst
’t Waren d’r hier die altijd achtervolgd wierden van een groten hond met een keten en as ze binnen waren schartten (krabbelde hij) nog aan ’t gotegat. Dat was een soorte geest , dien hond. Dat waren de Duitse Schapers die dat deden voor de mensen aan te jagen en benauwd te maken. Ze kosten zieder (zij) al ermonsieren (toveren).
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Enkele mensen in Snaaskerke werden tot aan hun huis achtervolgd door een grote hond met een ketting. De Duitse Schapers hadden die hond getoverd om de mensen bang te maken.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
253
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Snaaskerke   
Plaats van Handelen
Snaaskerke   
