Hoofdtekst
O j’ entwadde tegenkomt en ge zijt d’r ontrouwe (wantrouwig) van, ton moe j’ zeggen: "Zij j’ van God gezonden, zeg waarom da j’ gekomen zijt, zij j’ van den duivel gezonden, gaat vanwaar da j’ gekomen zijt." En je maakt ton joen kruise en ’t kwaad is weg.
Beschrijving
Als men wantrouwig stond tegenover iets dat men tegenkwam, moest men zeggen: "Als je door God bent gezonden, zeg dan vanwaar je gekomen bent. Ben je door de duivel gezonden, ga dan terug vanwaar je gekomen bent". Daarna moest men een kruisteken maken en vervolgens was het kwaad verdwenen.
Bron
P. Vandewalle, Leuven, 1968
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (o van houtland)
402
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zwevezele   
