Hoofdtekst
Mijn schoonvader heeft dat vroeger nog dikkels (dikwijls) verteld. 't Zat daar in Nieuwpoort aan 't vaartje een waternekker. En as de mensen naar Diksmuide naar de markt gingen, dat moet rond 1840 geweest hebben, kijk 't is meer dan 100 jaar geleen, ze gerochten (geraakten) daar haast niet voorbij. Ze gingen ton (toen) vroeger jaren met ezels he, en ze bleven rik aan rik (= rug aan rug) staan die ezels, z6 benauwd dat ze ook waren van die nekker.
Beschrijving
Bij 't vaartje in Nieuwpoort zat vroeger een waternekker. Wanneer de mensen met hun ezels naar de markt gingen, geraakten ze haast niet voorbij die plaats omdat de ezels zo bang waren.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (kamerlingsambacht)
10
Omstreeks 1840
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Vaartje ('t) (Nieuwpoort)   
Naam Locatie in Tekst
Westende   
Plaats van Handelen
Nieuwpoort   
Vaartje ('t) (Nieuwpoort)   
