Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KERAR0116_0117_16498 - Waarzegster

Een sage (mondeling), 1966

Hoofdtekst

Toveren en waarzeggerij bestaat, aangezien, binst den oorlog, ik had ik twee kozens die wegzaten in Duitsland, één van mijn volk en één van mijn vrouw heur volk. ’t Was in Roeselare een waarzegster in de Landbouwstraat. Er kwamen er daar wreed vele. Ik heb zelfs nog gehoord dat ze ontboden wierd ip ’t gerechtshof om de kaart te leggen. ’t Was dus binst den oorlog en ’t zaten er zes, zeven voor en ja, ’t was mijn toer (beurt). Zegt ze: "Waarvoor is’t dat ge komt, mijn vriend”? Ik zeg: "Ik heb twee kozens in Duitsland en ik zou geren weten of ze nog levendig gaan terugkeren”! "Me gaan daar een keer naar kijken”, zegt ze. Ze legt een kaart, "’k gaan eerst kijken voor dien kozen die eigenlijk van uw bloed is”, zegt ze. Ze legt, pijkens, pijkens zot, pijkens tien, nen doodkop, een doodskist! "Ja”, zegt ze, "je moet je erin stellen, op den dien moet ge niet meer peinzen, hij zag vandaag dood zijn of morgen”! En hij was gefusilleerd ’s anderendaags. En zegt ze: "Den anderen jongen, den dien is dan van uw vrouwen’s kant. Oh”, zegt ze, "dat is veel beter”! Ze legt: hertens zot, hertens tien. "Maar”, zegt ze, "in ellendelijken toestand. Hij keert terug, maar ge gaat hem niet meer herkennen”! Dat was juist ook, hij kwam terug mager, mager, mager lijk een naald. Ze heeft dan kort gezeten een moment. Ze moest gaan naar de Ortskommandatur en ze peinsden dat ze zij gezeid had dat de Duits den oorlog ging verliezen. Maar dat was geen waar! Maar tegen mij zegt ze: "Ik gaan een kaart leggen en zwijgt, dat gaat juist zijn”! Ik had haar gevraagd: "Hoelang gaat dat nog duren”? Ze zei de karate, "den eersten helft van ’t jaar is bezig met keren”, zegt ze. Dat was toen vierenveertig. "Den tweeden helft is den oorlog gedaan”, zegt ze, "en den Duits is verloren”! En dat was juist.

Beschrijving

Tijdens de oorlog woonde in Roeselare een waarzegster die een keer naar het gerechtshof was moeten komen om de kaarten te leggen.
Op een dag ging een man te rade bij die waarzegster om te vragen of zijn twee neven nog levend zouden terugkomen uit Duitsland. De eerste kaart die de vrouw trok, was er één met een doodskist en een doodshoofd. Daarop sprak de waarzegster: "Aan je eigen neef moet je niet meer denken, want die zal vandaag of morgen sterven". Een dag later werd die man inderdaad geëxecuteerd. De tweede kaart die de vrouw trok, was harten tien. De waarzegster zei: "De neef van je vrouw zal blijven leven, maar je zal hem haast niet meer herkennen". Toen die soldaat terugkwam uit de oorlog, was hij inderdaad graatmager. Verder voorspelde de vrouw nog dat er in de tweede helft van het jaar een einde zou komen aan de oorlog. Zo was het ook.

Bron

K. Erard, Leuven, 1966

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
40
1944
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Brielen    Brielen   

Plaats van Handelen

Roeselare    Roeselare