Hoofdtekst
Voader heet nog verteld dat ne ip ne keer ’s noavends nor huus kwam met ne kameroad en ze sloegen in een dreve in woar dat der geen huzen stoan. En olmetnekeer zoagen ze doar een kasteel stoan en pertank stoan der doa geen huzen. Ze hoorden een wreed leven, ze gingen binnen en bestelden een pinte. Ze kregen een glas en o ze wilden drinken wos olles weg en ze stonden doa met een bekerke in hunder hand. Voader heet dat dikkers verteld.
Beschrijving
Een man die op een avond samen met een vriend naar huis kwam, zag in een dreef waar geen huizen stonden, een kasteel staan. De mannen gingen binnen in het kasteel, waar veel lawaai was, en bestelden er een glas. Toen de mannen wilden drinken, was het hele tafereel plots verdwenen en stonden de mannen met hun glas in de hand.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (groot-roeselare)
156
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Roeselare   
