Hoofdtekst
Z’èn ook nog in Sintjeliens binnengebroken te Vanhulles. En t’ wos etwor e sterfgeval en ’t ging dor een gon thuuswachten. ‘k Geloven dat ’t e zekere Burggraeve wos. En ’t is den deen die den hoend hoorde bassen bij nachte enne schoot deur ’t vijnster, en ze mosten wegvluchten. En Pollet zei up ’t tribunaal: "Hadden dor moeten binnenraken, datten dor niet ging zijn."
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Op zekere dag pleegde de bende van Pollet een inbraak bij een familie uit Sintjeliens.
Een man die 's nachts waakte bij een dode, hoorde plots de hond blaffen en schoot met zijn geweer in de richting van het geluid, waardoor de rovers moesten vluchten.
Een man die 's nachts waakte bij een dode, hoorde plots de hond blaffen en schoot met zijn geweer in de richting van het geluid, waardoor de rovers moesten vluchten.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
216B
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Vanhulle
Burggraeve
Pollet
Burggraeve
Pollet
Pollet (bende van)   
bende van Pollet   
Naam Locatie in Tekst
Bikschote   
Plaats van Handelen
Sint-Juliaan   
