Hoofdtekst
Velen speelden d’r spook. Bijvoorbeeld, was t’er entwien die spookte ’s avonds, o de meisjes werekwamen van de spellewerkschole (kantklosschool). Je kleedde hem met een wit laken, en je kroop in een eikeboom met een uitgeholde bete in de vorm van n’een kop met een kaarske in. De meiskes kwamen af. En ’t ene meiske zegt: "D’r zit daar een spook." "’t En doet (nee)", zegt ’t ander meiske, d’er zitten d’er twee." Dendien in den boom hoort dadde, kijkt omhoge en je ziet nog een ander spook boven hem en van ’t verschot valt ie uit de boom en j’is dood.J’had niet gezien dat er al entwien voor hem in de boom gekropen was.
Beschrijving
Vroeger gebeurde het vaak dat mensen met een laken over hun hoofd in een boom kropen om anderen bang te maken. Enkele grapjassen die dat hadden gedaan, keken naar omhoog en zagen tot hun grote schrik nog andere spoken in die boom zitten. Sindsdien zijn die grapjassen nooit meer gezond geweest.
Bron
P. Vandewalle, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (o van houtland)
99
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ruddervoorde   
