Hoofdtekst
Hij zat op een boomstronk.Die weef wou da’k vroeger bijwuënde die vertelden altijd veel. Op ne kiër vertelde ze over heur vader dat dien saves ne kiër een kat tegenkwam, en ze zei: “Ge moogt da saves nooit naar schuppen”, maar mij vader had da gedaan, en eer hij iënige meters verder was zat hij verwerreld in de katten, en ton wist hij van niets ne mier, en as hij terug bij zijn verstand kwam, zat hij op nen buëmstronk en hij was er zelf niet opgekropen.
Onderwerp
SINSAG 0604 - Die vermehrten Katzen
  
Beschrijving
Een man was op een avond een kat tegengekomen en had naar het dier geschopt. Enkele meters verderop werd de man omringd door katten. Toen de man weer bij zijn positieven kwam, stelde hij vast dat hij op een boomstronk zat, hoewel hij daar zelf niet was op gekropen.
Bron
V. Van Onsem, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (waasland en dendermonde)
90
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Belsele   
