Hoofdtekst
Neffen ons woonde ne meneer en die mensen waren zo vuil en ze sliepen in beddekoetsen. Die waren er toen nog veul en ik heb ook nog in zo'n beddekoets geslapen en dat was goed warm. Na, die mensen waren zo vuil dat ze weekluizen hadden. Die hadden een kinneke en dat was ziek en als 't kind betoverd sterft dan zit er een kroontje in 't kopkussen. Die mensen wilden een vrouw beschuldigen hier in de buurt en toen het kinneke gestorven was hebben ze het kussen opengemaakt en werkelijk, daar zat een kroontje in. Ons Fien heeft het gezien. En de Leysen, dat was een schoelie, die heeft dat kroontje er uit genomen en er een stekske aan gehouden.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
In Turnhout woonden vuile mensen die luizen hadden. Bij die mensen was een kindje ziek geworden. De mensen verdachten een vrouw uit de buurt ervan het kwaad te hebben veroorzaakt. Na de dood van het kindje vond men een kroontje in haar hoofdkussen. Men heeft dat kroontje verbrand.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps ('land van turnhout')
139
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Turnhout   
Plaats van Handelen
Turnhout   
