Hoofdtekst
Bien Vranckske gonk in Hoelbeek vrijen. En in den tied gonken ze vrijen aan de vensterkes. Dat is een waar historie. De mens had een afspraak en ze hadden hem gezegd dat 't een heks woor bo er mit vrijde. Er denkt, ich gaan eens eerder dan de afspraak en tik, tik op de vinster. Niks te zien. In ène keer, rits! een kat over z'n schouder 't kamerke in, een moorzwarte kat met ogen wei (gelijk) lampen. Een beetje daarna stond 't mitske do. En toen zei er dat er lang had moeten wachten. 'Jamaar - zei ze - de (ge) moes maar nie voor denen tied komen.'
Onderwerp
SINSAG 0594 - Verwandlung von Hexentier in Frau erspäht.
  
Beschrijving
Bien V. had van iemand gehoord dat zijn vriendin uit Hoelbeek een heks was. Op een dag was Bien wat te vroeg, zodat zijn vriendin nog niet thuis was. De jongeman stond bij het raam te wachten, toen er plots een zwarte kat met grote ogen naar binnen sprong. Even later stond het meisje bij het raam.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (bilzen)
389
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bien V.
Vranckske (Bien)
Vranckske (Bien)
Naam Locatie in Tekst
Eigenbilzen   
Plaats van Handelen
Hoelbeek   
