Hoofdtekst
In de kalder van het kesteel zoeten do spoken woa de minse veul koad doochten. Do was zo een soort presoong (prison) bo de spoken de minsen vast zetten. Do was ook ene dikke stein met dikke kettele en grote ringen. Do weunden de minsen oan vastgebonden. Do was dek 's naachs heel veul lewèèt, mais de minsen doarden nie goed kotbai (kortbij) komen.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
In de kelder van een kasteel in Rijkel spookte het. De mensen werden er met kettingen vastgebonden aan een dikke steen.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (borgloon)
280
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Rijkel   
Plaats van Handelen
Rijkel   
