Hoofdtekst
Beschrijving
In het station van Overhespen stonden bohemers met een dood kindje. Het kindje was net gestorven. De bohemers gingen de pastoor wakker maken, die samen met een man kwam kijken wat er aan de hand was. De pastoor wilde het kindje begraven, maar de bohemers stonden dat niet toe. Daarom keerde de pastoor samen met de man die hem begeleidde, terug naar huis. Onderweg hoorden de mannen een gerinkel, waardoor de pastoor doodsbang werd en niet meer durfde voortgaan. De man stelde hem echter gerust. Later bleek het gerinkel te zijn veroorzaakt door het gareel van een paard dat in de gracht liep. De bohemers hadden dat paard daar gezet.
Bron
D. Herbots, Leuven, 1974
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
brabants (oosten)
61D"
fabulaatfabulaatfabulaat
Naam Overig in Tekst
Bohemer   
Naam Locatie in Tekst
Orsmaal-Gussenhoven   
Plaats van Handelen
Overhespen   
