Hoofdtekst
De beesten die waren altijd los en dat was altijd op dezelfde uur en nooit niemand niet opgemerkt. En toen was daar ene en die maakte hem zo astrant om te vragen wie daar was en wat die moest hebben hè. En de stal ingegaan en toen was dat een dochter die daar gestorven was van die winning hè en die vroeg toen om missen te doen. En toen sinds was daar nooit geen koe niet meer los geweest. Die boerderij bestaat nu niet meer, B. heette die winning. Wie daar toen woonde weet ik niet, want daar heeft mijn mam zaliger haar tante nog gewoond, daar is mam zaliger grootgeworden op die winning maar wie daarvoor nog gewoond heeft, weet ik niet.
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
Hoewel er niets vreemds te zien was, werden de dieren in de stal van B. altijd omstreeks dezelfde tijd losgemaakt. Op een dag ging iemand in de stal vragen wat het spook wilde. Het bleek een gestorven dochter te zijn van een vroegere bewoner van de boerderij. De vrouw wilde dat er voor haar missen werd opgedragen. Toen dat was gebeurd, spookte het niet meer in de stal.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
a
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
