Hoofdtekst
De gang tussen Boudelo-Hof en ’t Hoge Huis.Hier op Klein-Sinao was vroeger d’abdij van Boudelo. De kerk van Boudelo is uëk vergaan en de klokketoren is in de grond gezonken, na is dat daar ne put, en daarin staat altijd water, ook as ’t hard vriest, da water bevriest dus nooit.Dan werd er uëk verteld dat er ne gank was tussen Boudelo-Hof en ’t Hoge Huis – ’t Hoog Huis da was ook een afdeling van ’t Boudelo-Hof – en in die gank was er op ne keer ne speleman ingegaan om te zien hoe ver die gank gink en hij is er nooit uitgekommen.
Beschrijving
In Klein-Sinaai stond vroeger de abdij van Boudelo. De kerk van Boudelo is vergaan en de klokken zijn verzonken. Op die plaats is nog steeds een put, waarin het water nooit bevriest. Tussen Boudelo-Hof en het Hoge Huis was een gang. Op een dag was een man in die gang gegaan om te zien hoe lang hij was. Die man is nooit meer teruggekeerd.
Bron
V. Van Onsem, Leuven, 1967
Commentaar
4. Historische sagen
oost-vlaams (waasland en dendermonde)
257
fabulaat
Naam Overig in Tekst
abdij van Boudelo   
Boudelo-Hof   
Boudelo (abdij van)   
Hoge Huis ('t) (Klein-Sinaai)   
't Hoge Huis (Klein-Sinaai)   
Naam Locatie in Tekst
Klein-Sinaai   
Plaats van Handelen
Boudelo   
Klein-Sinaai   
