Hoofdtekst
’t E nog geweest dat me wieder hier werkten in de smesse late in den avond en de knechten zein olmeddèkeer: "Hore je gij niet?" En m’hoorden buten lude kermen. O’t ol uutkwam, dat wos mijn wuuf die bereên wos van de mare. Ze zag zij dor oltijd een ston bij heur bedde.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Twee knechten die 's avonds laat in de smidse werkten, hoorden buiten een luid gekerm. Het was de vrouw van de smid die door de maar werd bereden.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (vrijbos)
159L
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Zarren   
