Hoofdtekst
Toen ich nog misdienèr was in Romershoven moes ich altaid kemisses (boodschappen) dun veur de pestoor. Op ne keer moes ich sjeenk (hesp) geun hoalen in een aander deurp. Onder de boan sprong do altaid ene hoas tussen men bein deur. Ich sloeg d'r op, mais de hoas was voert. Verschillende keren koem de hoas trug en opeens was hij verdwenen.
Onderwerp
SINSAG 0311 - Weisse Frau ist eine zurückgekehrte Tote.
  
Beschrijving
Een misdienaar uit Romershoven ging altijd boodschappen doen voor de pastoor. Onderweg werd de jongen gevolgd door een haas die tussen zijn benen door sprong. Telkens wanneer hij naar de haas sloeg, was het dier plots verdwenen.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (borgloon)
204
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Romershoven   
Plaats van Handelen
Romershoven   
