Hoofdtekst
Bij Treveniets stond er daar in haar hof een palm en er stond daar een wit kannetje in. En ze stoken daar altijd naar maar ze kinden het nooit treffen. Die steenbakkers zeiden dat. Niemand heeft dat kannetje kunnen passen.
Beschrijving
Op een boerderij in Nederename stond een palm waarin een wit kannetje stond. De kinderen gooiden altijd naar dat kannetje, maar konden het nooit treffen.
Bron
L. D'haeze, Leuven, 1975
Commentaar
oost-vlaams (zuiden)
166J
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nederename   
Plaats van Handelen
Nederename   
