Hoofdtekst
René: Aja, 'k èn moeder dat nog g'hoord, in het dialect 'ne keirn'. Jaja, en 'k stond daar- Je kent ne tuimelaere, ewel, aan die tuimelare3, we zijn eigenlijk van een boerderij, aan de tuimelare en dat moederke zei: 'betoverd'. En 't was daar een glazeke van boven en je moest dan kijken als je al boterklompjes liggen al binnen en dat moeder moest warm water bijvoegen om de karn af te maken en karnemelk en boter te hebben. En dat zei ze misschien: is die karn betoverd of behekst of ja… Dat heb ik nog gehoord, jaja. En waaraan loog dat? Ewel ja, de zuringsgraad van die room was niet ver genoeg gezet om eigenlijk…Nele: Was dat haar echte naam?René: Neenee, omdat ze met haar panne- Ken je een pan met een steel aan? - ze sloeg op de kant vant bedde hee.Nele: En wat was haar echte naam?
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Wanneer de mensen geen boter konden maken, geloofden ze vaak dat de melk betoverd was. In werkelijkheid had het probleem te maken met de zuurtegraad van de melk.
Bron
N. Goderis, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (torhout en omstreken)
12t
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Torhout   
