Hoofdtekst
D’er woaren ook pasters die goed kosten toveren. ’t Was do bievoorbeeld ’n visvint (visverkoper) die in kennisse was en moest trouwen, mo je wilde niet. ’n Geestelijke moeide hem dermee (ermee). En die visvint had tied, wi, vo te trouwen. Je liep no da joenk (meisje) en is ’t ermee welgevoaren ook.
Beschrijving
Sommige pastoors konden toveren. Een visverkoopster die niet met zijn zwangere vriendin wilde trouwen, werd door een pastoor gedwongen om toch met het meisje te trouwen.
Bron
C. Dewaele, Leuven, 1967
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (oostkust)
515
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Houtave   
