Hoofdtekst
Heithijs, die goeng met z'n kar 's avonds no huis. 't Begos al zo stillekes avond te worden. Die Bosmei, die bekende heks koem hem tegen en zegt: 'Thijs, de bis nog laat op gang.' - Mei, ich bin toch bekans (bijna) bij ons. - 'Dat zouwste (zoudt ge) nog wel menen', zei Mei. Mei gaat door en Thijs voer aan ene barier (bareel) een wei in. En er kos nie meer uit die wei. Er had de heel nacht doorgevaren. Tot 's mirres ('s morgens) zat er in de wei. Ene voorbijganger heeft hem op de weg moeten brengen en acht daag daarna woer de mens dood.
Onderwerp
SINSAG 0540 - Hexe führt irre   
Beschrijving
Toen Thijs 's avonds met zijn kar naar huis reed, kwam hij onderweg Bosmei tegen. De heks sprak: "Jij bent nog laat onderweg!", waarop Thijs antwoordde: "Ja, maar ik ben nu toch bijna thuis". Daarop zei Bosmei: "Dat dacht je maar!" en ze ging verder. Bij een slagboom reed Thijs per ongeluk de weide in. Omdat de man niet meer op de weg geraakte, moest hij tot 's morgens wachten vooraleer iemand hem weer op de weg hielp. Acht dagen later was Thijs dood.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (bilzen)
350
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bosmei
Thijs
Thijs
Naam Locatie in Tekst
Gellik   
