Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MNIJS0155_0155_19327

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

Den oenderpaster moeste met de berechtienge nor e ziek mens. ’t Woaren do sloebers en ze gieng(en) hem gon duvelen. Je moeste over e smal brugstje. Ze stoen(den) an den ene kant te wuppen ip da brugstje dat de paster der nie over koste. Je pakte ’n andere weg no da mens. Ut ie werekwaam stoen(den) ze do nog te wuppen. Ze kosten der nie mi van, toe dan ze beloofden an de paster van te stoppen.

Onderwerp

SINSAG 0666 - Zauberer bannt an den Ort.    SINSAG 0666 - Zauberer bannt an den Ort.   

Beschrijving

Een onderpastoor moest een zieke gaan berechten. Onderweg werd de onderpastoor geplaagd door enkele kwajongens. Toen de geestelijke over een bruggetje moest, stonden de jongens aan de kant te springen, zodat de geestelijke in het water zou vallen. Daarom nam de onderpastoor een andere weg. Bij zijn terugkeer stonden de jongens nog altijd te springen op het bruggetje. Ze geraakten niet meer weg vooraleer ze aan de onderpastoor hadden beloofd dat nooit meer te zullen doen.

Bron

M.-R. Nijsters, Leuven, 1969

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (nw van houtland)
96.4
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Oudenburg    Oudenburg