Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

HSCHO0244_0245_11193

Een sage (mondeling), maandag 31 juli 1995

Hoofdtekst

I Was het ook zo dat de ‘läöi’ dachten dat het huis behekst was en dat ze dan naar de paters gingen?10 Ja.Y … (= onverstaanbaar) encore plus vieux que ça.10 De paters kwamen daartegen preken: "Dat moet je niet allemaal geloven!" Maar de oude ‘läöi’ die hielden nog aan dat gedacht.I Maar de paters die kwamen toch ook zegenen en zo tegen …10 Ja, maar dat was zegenen …Y Ils le (= onverstaanbaar) croire un peu aux gens aussi, hé.10 Vroeger zijn ze ook hier geweest. Weet ge de ‘winning’ van Jeanke (= hoeve † Jean Tans - Vos, Mergelstraat 6) daar? Die kapot is.I Ja.10 Heel vroeger, misschien over honderdvijftig jaar, konden ze daar geen veulens trekken (= ter wereld brengen). Toen waren ze (= de paters) komen zegenen, zeiden ze. En toen dat het paard veulens wierp en dat de veulens kapotgingen, toen kwamen ze zegenen in de stallen. Maar het hielp nog niet [lacht].I Kwamen ze dan ook… Als het huis gebouwd was, dan kwamen ze het ook zegenen en dan bouwden ze een relikwie of zoiets in de dorpel?10 Of in het huis.Y Mais on disait toujours encore … (= onverstaanbaar).10 Hier tegen het huis hing een Lieve Heer tegen - hoe moet ik het zeggen? - tegen ongelukken (= om het huis en zijn inwoners van ongeluk te vrijwaren), hé.

Beschrijving

Een boer wiens paarden geen veulens ter wereld konden brengen, liet de paters komen om zijn stal te zegenen. Het heeft echter niet geholpen.

Bron

H. Schoefs, Leuven, 1996

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
10E 244
Omstreeks 1850
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Zichen-Zussen-Bolder    Zichen-Zussen-Bolder