Hoofdtekst
Torie Nijs zijn vrouw (Victor Nijs) had de parel op ’t oog. Die parel is gesprongen en ze was zij daar haar oog van kwijt. Dat was het kwaad, dat was iets dat moest afgelezen worden.
Beschrijving
Een vrouw die een parel op haar oog had, raakte het oog kwijt toen de parel sprong.
Bron
L. D'haeze, Leuven, 1975
Commentaar
oost-vlaams (zuiden)
79A
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Edelare   
