Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0371_0371_21698

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

’t Wos e marchand die deur de bus moste enn’had e groten hoend mee. Bakelandt zei tegen hem: "Wuk zij met dien hoend?" "Ze gon mijn ezo niet anranden", zeiten. En je wierd olglijk angerand in de bus. Bakelandt schipte nor dien hoend. Die marchand e nog kunnen weglopen nor die café were. Bakelandt wos e wreê kerel enee?

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

Een handelaar die door het bos moest gaan, had een grote hond bij zich. "Waarom heb jij die hond?" vroeg Bakelandt aan de man, waarop deze laatste antwoordde: "Door die hond zal niemand mij aanvallen". Op zijn weg naar huis werd de man aangevallen door Bakelandt, die naar de hond schopte. De handelaar kreeg nog de kans om terug naar het café te lopen, waar hij vandaan kwam.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
226A
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Bakelandt    Bakelandt   

Bakelandt (bende van)    Bakelandt (bende van)   

bende van Bakelandt    bende van Bakelandt   

Naam Locatie in Tekst

Handzame    Handzame